|
Het verhaal begint op de verjaardag van de hoofdpersoon, Maurits Akelei, toevallig
ook de dag dat volgens sommigen de wereld vergaat. Akelei is van
plan een feest te houden. Aangezien hij geen echte vrienden heeft
nodigt hij kennissen, zoals zijn dokter uit. Later in het boek denkt
hij terug aan het feest waarop hij zijn droomvrouw heeft verloren
aan een neger (Volgens mij slaat de titel dan ook gedeeltelijk hier
op), 23 jaar geleden. Voor Akelei is dat eigenlijk al het moment
waarop de wereld voor hem verging. Op het feest gedraagt iedereen
zich steeds vreemder en op een gegeven moment kijkt iemand uit het
raam en ziet dat de maan bloedrood is en de hele hemel verlicht.
De aarde blijft echter duister en iedereen schuifelt maar wat door
de straten. Akelei sluit zich bij hen aan en voor het eerst in lange
tijd voelt hij zich op zijn plaats.
Akelei Maurits is de hoofdpersoon in het boek hij is 46 jaar en
een stadsbeiaardier, het is een vrij dromerig persoon wat hem soms
moeilijk te begrijpen maakt. Hij heeft geen vrienden omdat hij mensenschuw
is, hierdoor is hij vrij eenzaam. De enige waarmee hij dagelijks
mee te maken heeft is mevrouw Henkes, de huisbazin.
Het gedrag van Akelei verandert bij niemand, het blijft dezelfde
in zichzelf levende persoon.
De bijfiguren in het boek zijn maar weinig beschreven. Dit zijn
de bijfiguren:
de heer Pollaards: de arts van Akelei, hij heeft vroeger gedichten
geschreven.
Marianne Pollaards: de vrouw van de heer Pollaards. Op het feest
wordt zij verliefd op Akelei.
Meindert Splijtstra: de dominee uit de kerk waar Akelei beiaardier
is.
Lex Ketelaar: de directeur van machinefabrieken. Hij is een jeugdvriend
van Akelei
Mevrouw Henkes: zij verhuurt een kamer aan Akelei en is verliefd
op hem.
Marjolein: De vrouw waarmee Akelei 23 jaar geleden een verhouding
had.
|


|